impression image impression image

Zelfrelativering

Humor brengt zelfreflectie en relativering, zoals broeder Juniperus laat zien in het onderstaande verhaal. Het verhaal, herverteld door Hans-Peter Bartels, is hier te downloaden. De bijbehorende werkvorm vind je hier

Geen eerbied, maar roddel en spotternij

Dit verhaal gaat over broeder Juniperus (Bevagna, circa 1190 – Rome, 1258). Juniperus trad in 1210, rond zijn twintigste, in in de broederschap van Franciscus en staat bekend als een zeer eenvoudig en vrijgevig man. Hij had zelfs de neiging spullen weg te geven die hij niet weg mocht geven. Met een toespeling op zijn naam ('juniperus' betekent 'jeneverbes'), zei Franciscus ooit: “Ik zou in godsnaam willen, mijn broeders, dat ik een heel bos van zulke Juniperussen (jeneverbessen) had!” Hoewel nooit heilig of zalig verklaard, is 29 januari zijn gedenkdag. In dit verhaal uit de Fioretti (IX) is Juniperus alleen op weg, maar zijn naam en faam zijn hem - tegen zijn zin - al vooruit gesneld.

Broeder Juniperus was op een dag op weg naar Rome. Dat hij bijna in Rome zou aankomen, was als een lopend vuurtje door de stad gegaan. En omdat hij bekend stond om zijn heiligheid, kwamen de Romeinen in groten getale naar hem toe. Juniperus zag dat gebeuren, maar had geen zin in een heldenonthaal. Dat paste een eenvoudige minderbroeder niet, vond hij. Dus dacht hij na over hoe hij hun verering kon laten omslaan in roddel en spotternij. Terwijl hij daarover nadacht, liep hij langs twee kinderen die met een wip, gemaakt van een balk en een plank, aan het spelen waren. Broeder Juniperus tilde een van de kinderen van de plank en... klom zelf op de wip. Rustig begon hij op en neer te wippen. Intussen hadden veel Romeinen zich op de plek van de wip verzameld. Hoewel ze het maar vreemd vonden dat Juniperus op die wip zat, groetten ze hem toch op eerbiedige wijze. Daarna bleven ze geduldig staan wachten tot hij klaar zou zijn met het spel. Dan zouden ze hem met een mooie optocht naar het klooster in de stad kunnen begeleiden.

Broeder Juniperus deed net of hij hen niet zag staan en begon alleen maar harder te wippen. De mensen bleven staan wachten, maar langzaamaan raakte hun geduld op. "Wat is dat voor een halve gare?", riepen enkele mensen. En anderen begonnen hem uit te lachen. Maar onder de mensen waren er die broeder Juniperus en zijn manier van doen goed genoeg kenden. Deze kregen juist nóg meer eerbied voor hem. Maar de tijd ging voort en steeds meer mensen keerden terug naar de stad. Uiteindelijk lieten ook de laatsten broeder Juniperus alleen achter. Toen alle mensen uiteindelijk weer weg waren, stopte Juniperus met wippen. Hij was vol vreugde, omdat er mensen waren geweest die hem hadden uitgelachen. Zo vervolgde hij zijn weg naar Rome. In alle rust en eenvoud liep hij de stad in en kwam alleen bij het klooster van de minderbroeders aan.