Van der Does de Willeboissingel 11
5211 CA 's-Hertogenbosch
(073) 613 13 40
info@franciscaansebeweging.nl
Geschriften van Clara
Clara heeft enkele geschriften nagelaten: een regel, een testament, een zegen en enkele brieven, waaronder vier aan Agnes van Praag.
De regel van Clara (hoofdstuk 6 en 12)
Een groot gedeelte van de regel die Clara voor de zusters heeft geschreven is overgenomen uit de regel van Franciscus. Clara wilde de goedkeuring van de paus hebben voor haar regel en zij kreeg dit twee dagen voor haar dood.
Hoofdstuk 6: En opdat wij, alsook degenen die na ons zouden komen, nooit zouden afwijken van de heilige armoede, die wij op ons namen, schreef hij kort voor zijn afsterven ons nog eens zijn laatste wil met de woorden: “Ik, Franciscus, uw kleine broeder, wil onze allerhoogste Heer Jezus Christus en zijn allerheiligste moeder navolgen in hun leven van armoede en daarin volharden tot het einde toe. En u, vereerde vrouwen, bid ik en raad u aan, dat u uw heilige leefwijze en uw armoede altijd blijft volhouden. Weest wel op uw hoede, en laat u nooit ofte nimmer door leer of raad van wie dan ook daarvan afbrengen.”
Hoofdstuk 12: Bij de liefde Gods en van de heilige Franciscus vragen wij als gunst aan de minderbroeders –om ons in onze armoede te helpen, zoals wij altijd al van hun orde liefdevolle hulp ondervonden hebben- een kapelaan, met nog een clericus als socius, mannen van onbesproken gedrag, wijs en zorgzaam; en twee lekebroeders, mannen met oprecht verlangen naar een vroom en deugdzaam leven.
Het testament van Clara
De originele tekst van het testament is niet bewaard gebleven. Er wordt dan ook wel getwijfeld of het document door haarzelf geschreven is. Het document ademt wel de geest van Clara.
Clara ziet terug op haar leven en vertelt hoe Franciscus een grote invloed op haar leven uitoefende. Voor haar waren de armoede en het voorbeeld dat Franciscus had gegeven van groot belang.
Ik dan, Clara, onwaardige dienares van Christus en van de arme zusters in het klooster van San Damiano, en plantje van de heilige vader, mij bewust – zoals ook mijn medezusters met mij – van onze verheven roeping en van de opdracht van zulk een grote vader, maar ook van de zwakheid die wij bij anderen zagen en waarvoor wij ook voor onszelf beducht waren na de dood van onze vader Franciscus – hij was onze steunpilaar en naast God onze enige troost en toeverlaat – wij dan hebben ons keer op keer verpand aan onze Vrouwe de heilige armoede, opdat mijn zusters, zowel tegenwoordige als toekomstige, zich nooit van haar zouden losmaken, nadat ik eenmaal zou zijn heengegaan.
De brieven van Clara
Er zijn vier brieven van Clara aan Agnes van Praag bewaard gebleven. Agnes, prinses van Bohemen, had een klooster van Arme Vrouwen in Praag gesticht. Clara geeft uitleg van de leefwijze en adviezen aan Agnes.
O, gezegende armoede! Wie haar liefhebben en omhelzen schenkt zij onvergankelijke rijkdom!
O, heilige armoede! Wie haar bezitten en haar begeren, hebben van God de belofte van het Rijk der Hemelen. Het gelukzalig leven en de eeuwige heerlijkheid zullen zonder twijfel voor hen openstaan! O, Godwelgevallige armoede! De Heer Jezus Christus heeft zich gewaardigd haar, met voorbijgaan van alles, te omhelzen! Hij, die Heer was en is van hemel en aarde! Hij ook ,die ‘sprak en het was er’! Vossen, zo zei Hij, hebben immers hun holen, en de vogels in de lucht hebben hun nesten, maar de Mensenzoon, dat is dus Christus, heeft niets waar Hij zijn hoofd op kan laten rusten! Hij boog het hoofd en gaf de geest.
Als nu de Heer in al zijn grootheid en heerlijkheid heeft willen binnengaan in de maagdelijke schoot, en in de ogen van de wereld een ongeachte, een behoeftige en arme heeft willen worden, om de mensen , die zo uitermate arm en behoeftig zijn en zo grote nood hebben aan geestelijke spijs, rijk te maken in Hem, doordat zij kunnen binnengaan in het Rijk der hemelen, wel, dan is er voor u alle reden voor uitbundige vreugde! Want u heeft immers liever de wereld veracht dan dat u haar eer gezocht heeft. U heeft armoede verkoren boven aardse rijkdom.
(Gedeelte uit de eerste brief van Clara aan Agnes van Praag)

