impression image impression image

In onze tijd wordt veel gesproken en geschreven over de problematiek rond levensbeëindiging. Mensen worden veel ouder dan vroeger, maar dat neemt niet weg dat op een gegeven moment het aftakelingsproces begint. Allerlei fysieke en mentale gebreken doen zich voor. De ziekte van Alzheimer en verschijnselen van dementie steken de kop op. Dan komt de vraag naar euthanasie of het moment van palliatieve sedatie. Sommigen dringen in hun wanhoop aan op de pil. Mogen wij zelf beslissen over leven en dood, als we de zin van het leven verloren hebben, volledig afhankelijk worden, in een depressie geraken, ernstig vereenzamen en niet verder willen? Is het leven niet een geschenk? Moeten we niet blijven genieten van alle mooie momenten?

Ik werd gegrepen door een gesprek in het tijdschrift Volzin van maart 2018 met de franciscanen in Huize La Verna te Wijchen over voltooid leven. Het interview heeft als titel meegekregen: "Ons leven houdt pas op als we dood zijn."

De meeste leden van de communiteit zitten gezien hun hoge leeftijd in de fase van ongemakken en grote behoefte aan intensieve hulp. Zij dragen elkanders lasten en zien om in dankbaarheid op een rijk leven van dienstbaarheid. Benadrukt wordt de wederkerigheid. De hulpbehoevendheid van de één, biedt aan de gezonde de mogelijkheid hulp te bieden. Die rollen kunnen ook van de ene op de andere dag wisselen. Iedereen probeert nog zo goed mogelijk een bijdrage te leveren aan de groep. Dat brengt waardering en respect met zich mee, maar ook veel vreugde. Dat is het mooie van het broederleven, constateren ze zelf.

"Het leven is je uit liefde gegeven en daar ben je zuinig op en dat leven kun je niet zomaar voltooien."

impression image impression image

Het leven is je uit liefde gegeven en daar ben je zuinig op en dat leven kun je niet zomaar voltooien. De broosheid van het leven is wezenlijk en is op ieder mens van toepassing. Het is belangrijk om met die kwetsbaarheid te leren omgaan. Geniet van alles wat nog wel mogelijk is en wat je nog wel kunt. Binnen de broederschap heeft ieder zijn talenten en mogelijkheden en die worden ingezet voor het welzijn van de communiteit. Dat schept vreugde en dankbaarheid en geeft steun ondanks ziekte, zwakheid en gebrek.

De geest van Franciscus leeft nog steeds onder hen. Het bekende vers uit het Zonnelied wordt vaak aangehaald: "Wees geprezen, mijn Heer, door onze zuster de lichamelijke dood, die geen levend mens kan ontvluchten." Maar dit betekent niet, zoals vele moderne mensen denken: dood is dood. Wel brengt deze gebrekkigheid met zich mee, dat wij middenin het leven reeds in de dood staan. Maar de lichamelijke dood is niet het einde. Dat is ook de diepere zin van de Hemelvaart van Jezus, het feest dat we dit jaar op 10 mei vieren. 'Viri Galilaei, quid admiramini aspicientes in caelum?", wordt op deze dag gezongen in het introïtus: "Mannen van Galilea, wat staat ge verbaasd naar de hemel te kijken?" Laten we onze ogen maar gericht houden op deze aarde en daar zolang mogelijk in vrede het goede doen.