impression image impression image

Ik kom er niet uit. Die zachte krachten die uiteindelijk zullen winnen, hoe doen ze dat? De vraag werd weer levensgroot toen we in onze leesgroep een hoofdstuk bespraken over het feminiene in de franciscaanse traditie en spiritualiteit. Ik stemde daar van harte mee in. Franciscus en zijn volgelingen stralen vaak een soort moederlijke en zusterlijke betrokkenheid uit. Het zijn geen wereldverbeteraars, maar mensen die vertrouwen op de zachte krachten van aandacht, ruimte geven, laten groeien, omarmen. Het zijn vaak ‘bomen geworteld aan levend water’ waar de psalmist over zingt. Veerkrachtig en goed geworteld in de aarde. Heel mooi. Ik word er warm van.
Maarrr…. hoe kunnen die krachten een rol gaan spelen in een wereld waarin de gang van zaken wordt bepaald door het recht van de sterkste, de grote bek, de rijke stinkerd, de sluwe vos? Sjoerd Hertog geeft in de vorige blog (van 10 februari) een sprekend voorbeeld van de Farmers Defence Force: hakken in het zand, met grote machines de weg op, je wil doordrukken ‘Wij maken hier de dienst uit’ en ‘Een ieder die de sector verraadt, zal dat weten.’

Maarrr…. hoe kunnen die krachten een rol gaan spelen in een wereld waarin de gang van zaken wordt bepaald door het recht van de sterkste, de grote bek, de rijke stinkerd, de sluwe vos?

impression image impression image

We zien een samenleving die op grote schaal verhardt, vluchtelingen buitensluit, armoedzaaiers wantrouwt, de eigen welvaart met hand en tand verdedigt. Verharding, waar verzachting nodig is. Schreeuwen waar luisteren nodig is. Actie waar wachten nodig is. Wantrouwen waar vertrouwen nodig is. Kortom een dringende noodzaak dat de zachte krachten zich melden in het maatschappelijk debat en in de politieke besluitvorming. Er moet een einde komen aan het ‘mannetjestijdperk’, het wordt tijd voor het tijdperk van de mens met zijn harde én zachte kanten.

Maar hoe moet dat dan? We zijn zo gewend om een onderstroom te zijn, waarin we op een veilige manier onze feminiene waarden kunnen koesteren en beleven, dat we er tegenop zien om ons te mengen met die andere krachten. Ik ken dat zelf ook maar al te goed. Toen we in 1991 na een jaar voorbereiding een start maakten met het Franciscaans Milieuproject in Stoutenburg (FMP), kregen we prompt de vraag, of we ons niet meer politiek zouden moeten opstellen als Franciscaanse Milieupartij.

impression image impression image

Maar we wilden ons juist verre houden van het politieke gekissebis en zelf gaan leven zoals wij vonden dat je op deze wereld moest leven: verbonden met de natuur, rekening houdend met elkaar, gedragen en verbonden door een spiritualiteit; eenvoudig, gastvrij en sober. ‘Walk your talk’. We wilden anderen niet overtuigen met argumenten, geen koehandel drijven, we wilden laten zien dat je gelukkig kunt zijn als je je ingebed weet in heel dat web van leven en dat je dan niet zoveel nodig hebt.

We hebben met ons leven in Stoutenburg veel mensen ondersteund in hun individuele keuzes, maar maatschappelijk weinig klaargespeeld. Ja, zo gaat dat met zachte krachten. Ze inspireren mensen die er voor open staan, maar lijken geen deuk te kunnen slaan in een pakje boter. Wie wijst de weg?
Of is dat weer zo’n masculiene benadering? Dat je relevant moet zijn, dat dulden, dragen en ruimte geven, niet vanuit hun eigen waarde en eigen dynamiek de samenleving vormen en zullen vormen?

Ik ben benieuwd wat u ervan vindt.