impression image impression image

Gaudete

Gaudete noemen we de derde zondag van de advent, naar de eerste woorden van de introïtus: ‘Gaudete in Domino, verheugt u in de Heer.’ In het evangelie van deze dag wordt gesproken over Johannes de Doper. Hij komt om te getuigen van het Licht. Op de vraag van de priesters van  Jerusalem, of hij de messias is, Elia of een profeet, is zijn antwoord: ‘Ik ben de stem van iemand die roept in de woestijn.’ Mooier kan het haast niet gezegd worden. Roepen in de woestijn. Roepen, maar je weet bijna zeker dat jouw geluid niet wordt gehoord.

Voor de politieke theoloog Johann Baptist Metz was de meest korte definitie voor religie de term ‘onderbreking’. Godsdienst maakt een pas op de plaats, onderbreekt het ritme van het alledaagse doen. Heel mooi wordt dat gesymboliseerd in de sabbat, de zevende dag, waarin alles wat  geschapen is, tot rust mag komen. Het wordt ook gesymboliseerd in het zevende jaar, het sabbatsjaar, waarin schulden worden kwijtgescholden en waarin slaven worden vrijgelaten: ‘En wanneer gij hem vrij laat weggaan, zult gij hem niet met lege handen laten gaan; gij zult hem met mildheid meegeven van uw kleinvee, van uw dorsvloer en uw perskuip’ (Dt. 15,2.12-14). Kortom, de normale gang van zaken wordt onderbroken. Er gaat iets nieuws beginnen. Helaas, wilden de machthebbers er nooit aan en is het altijd bij een ideaal gebleven. Toch staan er steeds profeten op, zoals een Johannes de Doper, die roepen ‘nu gaat het gebeuren.’

In de tijd van Bonaventura werd Franciscus gezien als de nieuwe Johannes de Doper, de nieuwe Elia. Opnieuw dacht men: nu breekt eindelijk het koninkrijk van God door, waar mensen zolang naar hebben verlangd. Maar al gauw ontdekte men, dat er toch nog langer gewacht moest worden.

impression image impression image

Toen de coronacrisis uitbrak, dacht menigeen, wie weet komen we nu wel tot inkeer, gaat de samenleving nu echt veranderen, wordt hij duurzamer, wat toch zo hard nodig is met het oog op de dreigende klimaatverandering. Even werd het idyllisch stil in de steden, maar al snel was het voorbij en willen velen weer terug naar het oude normaal. Na het vaccin kunnen we doen alsof er niets is gebeurd. En toch, de opwarming van de aarde gaat voort.

In de tijd van Franciscus geloofde men dat eenvoud en soberheid een belangrijke toekomstbestendige levenswijze was. Ik denk dat het niet alleen voor die tijd gold, maar ook nog voor vandaag de dag. Eenvoud en soberheid betekent dat we andere keuzes moeten maken. Voor velen vraagt dit om een ommekeer. Die roep, je om te keren, anders te gaan leven, klinkt al meer dan tweeduizend jaar, vanaf Johannes de Doper, via Franciscus tot vandaag. Johannes de Doper en Franciscus van Assisi zochten niet zichzelf. Het waren geen influencers, maar zij deden een appel op ieders eigen verantwoordelijkheid. Daarmee voelden ze zich vaak als een roepende in de woestijn. Ze beseften dat zij niet ‘het licht van de wereld’ waren, die graag aanschuiven bij praatprogramma’s, maar eerder de schaduw van het Licht. Ze verwezen naar iemand anders: de kwetsbare mens, geboren in een kribbe en gestorven aan een kruis. Ze verwezen naar de broosheid van het bestaan en riepen daarom op tot soberheid en eenvoud. Ook de aarde is een broos organisme. 

impression image impression image

In zijn prachtige boek Blijf de aarde trouw, Pleidooi voor een nietzscheaanse terrasofie, citeert Henk Manschot (ooit franciscaan) de astronaut André Kuipers: "De aarde verscheen als een lichtend hemellichaam tegen de oneindig zwarte achtergrond van het heelal… (Zij is) een heldere, zachtblauwe bol, omkranst door dunne witte sluiers." De aarde is de enige plek binnen dat immense universum waar we kunnen leven. Maar even verderop schrijft hij: "De kale stukken in het Amazonegebied zijn groter geworden en de blauwe nevels van de luchtvervuiling boven meerdere steden dikker. Ik kijk nu echt naar een probleem."

Als wij willen dat er voor onze achterkleinkinderen nog toekomst is op deze kwetsbare planeet, zullen we ons de deugden soberheid en eenvoud eigen dienen te maken. Pas als die ommekeer werkelijkheid wordt, kunnen we echt juichen: Gaudete.

een schaduw

hij was slechts stem, een windvlaag over water

getuigde fel van zin en duisternis
gebaande wegen had hij vroeg verlaten
hij leefde hier en nu, er was geen later

men vroeg hem naar zijn naam, om zo te spreken
was hij soms een profeet? dat was hij niet
een klokkenluider van de oude stempel
die van geen duister onrecht wilde weten

hij wees op het gewone leven, zo
bijzonder, zo uniek, dat je het haast
niet ziet, de broosheid van het alledaagse
het flakkerend licht, de vlaswiek die niet dooft

maar hij, alleen een schaduw in dit licht
een wenk, een roep die het bestaan ontwricht

(Dit gedicht is afkomstig uit Peter Vermaats dichtbundel ‘op vleugels van de wind’.)