Dit jaar viel het hoogfeest van de Heilige Drie-eenheid op zondag 30 mei. De grote Duitse dichter Goethe had er niets mee. Hij vond het maar een theologische kruiswoordraadsel. Hoe kan nu drie een zijn en een drie? Het ging in tegen zijn waarheidsgevoel. Bovendien vond hij, dat hij er niet mee was geholpen.
Op het concilie van Chalcedon (451) is dit dogma definitief vastgelegd, na een eerste aanzet op het concilie van Constantinopel (381). Dit concilie stond onder leiding van de patriarch van Constantinopel, Gregorius van Nazianze. Deze was ook een groot dichter en mysticus. In een gedicht schrijft hij, hoe God ‘alles voor bij is’.
Hoe U anders noemen?...
Gij die door geen woord te zeggen zijt...
Gij Enige, Onuitsprekelijke…
Onkenbare...
Gij zijt het doel van alles
Gij zijt één
Gij zijt alles
Gij zijt niemand
Gij zijt geen een
Gij zijt niet alles.
O Gij alles voorbij.
‘de een danst om de ander, zoals de ander danst om de een.’
Naast positieve uitspraken, gebruikt Gregorius negatieve formuleringen (‘God is geen een,’ ‘God is niet alles’) om hiermee de principiële onkenbaarheid van God te benadrukken. Joseph Ratzinger, de latere paus Benedictus XVI ziet dit dogma als een vorm van negatieve theologie. Hij schrijft: ‘We kunnen alleen over God praten, wanneer wij afzien van het willen begrijpen en Hem als de Onbegrepene laten staan. Triniteitsleer kan dus niet willen zijn een begrepen hebben van God. Zij is een grensuitspraak, een verwijzend gebaar naar het Onnoembare. Geen definitie.’
Toch willen we er vaak graag meer over zeggen, dan alleen wat God níet is. De kerkvaders gebruiken daarvoor het begrip persoon, een term uit de theaterwereld. Een persoon gaat immers op het toneel een relatie aan met andere personen. Zo willen de kerkvaders met de goddelijke personen aangeven, dat God in zich een dynamische relatie is. God is niet de onbewogen, onveranderlijke – dat is het beeld van een steen, maar God is een bewogen God. Vader, Zoon en Geest zijn termen die op een relatie wijzen. Een vader ben je alleen in relatie tot een zoon, en omgekeerd. Immers, pas als de zoon geboren wordt, word je vader. Om die wederzijdse relatie tussen personen aan te geven, gebruiken de kerkvaders nog een andere term, nu uit de danswereld: perichorese, dat zoveel betekent als ‘de een danst om de ander, zoals de ander danst om de een.’ De Drie-eenheid voorgesteld als een goddelijke tango!
‘Het geheim van de wereld’, zoals de lutherse theoloog Jüngel God noemt, is in zichzelf gericht op relaties met anderen die verschillend zijn. Dit christelijke godsbeeld nodigt daarom uit tot het omgaan met verschillen en het accepteren van diversiteit. Kan het nog actueler?
Het Verhaal van de Drie Gezellen noemt Franciscus een ‘oprecht vereerder van de heilige Drieëenheid’ (3 Gez 29). Daarom zou hij tot driemaal toe het evangelieboek hebben opengeslagen om zeker te zijn van de roeping van zijn broederschap. Daarom herstelde hij, zegt het verhaal, drie kerken en heeft hij drie ordes opgericht (3 Gez 60). Verschillen werden door hem gekoesterd. Hij omhelsde de melaatse en ging op weg naar de sultan van Egypte. Het kruiswoordraadsel voor de een, is voor de ander een aansporing om betrokken te raken op zijn medemensen en hun omgeving. Voor Franciscus was heel de werkelijkheid, tot de elementen wind, water, vuur en aarde, een broeder of zuster waar hij een relatie mee aanging.
triniteit
god is niet
zeker weten
grote woorden
zuiver denken
god is
onrust in mijn lijf
jeuk aan mijn huid
spijker door mijn hand
klop in mijn pols
god is niet
een rode loper
uitgerold naar
macht en aanzien
roem en rijkdom
god is
een scheur in de jas van mijn bestaan
adem die stokt
leegte die bevrijdt
stilte die ademt
vuur dat zucht
aarde die bloeit
water dat troost
een kus als het donkert
soms onherkenbaar
goh
uit: Peter Vermaat, meeuwen krijsen langs het water, Leeuwarden 2012, 105.