impression image impression image

Nadat de mensheid een gigantische ramp over zichzelf heeft afgeroepen, komt een aantal dieren samen. Ze overleggen wat ze zullen gaan doen: gaan we de overgebleven mensen een pootje helpen of zullen we hen toch maar liever opeten? Daarover gaat het boek van Nick McDonell,The Council of Animals.1

Ik kwam het tegen op mijn speurtocht naar de betekenis en de waarde van dieren voor onze visie op de toekomst van de aarde én op onszelf.

Paus Franciscus heeft een synode afgekondigd. Een proces van drie jaar, waarin alle geledingen van de kerk zich vrijmoedig kunnen uitspreken over de rol van de kerk in de huidige samenleving. In Nederland brandt het synodevuurtje nog niet erg fel, heb ik het idee. Maar wat zou het prachtig zijn als we massaal de uitdaging aannamen en ons frank en vrij tot onze bisschoppen zouden richten met wat wij - als basis van de kerk - van belang achten voor de toekomst van ons kerk-zijn en onze taak op aarde.

En als het dan over duurzaamheid gaat, dan sluipt er een vrijmoedig verlangen in mijn geest: ach, konden de dieren ook maar hun stem laten horen. Wat voor spiegel zouden zij ons kunnen voorhouden? Wat zouden zij ons kunnen leren als het over de toekomst van de kerk en aarde gaat?

impression image impression image

Spiegel

Er zijn heel wat fabels en verhalen over dieren geschreven waaraan de lezer zich kan spiegelen. Ruim 75 jaar geleden verscheen Animal Farm van George Orwell, waarin een satire werd opgevoerd rond de tirannie van weinigen over velen; ‘alle dieren zijn gelijk, maar sommige zijn meer gelijk dan andere’. Vijftig jaar oud is het charmante Waterschapsheuvel van Richard Adams met dat herkenbare scheppingsverhaal van Frith die alle dieren eender schiep: de spreeuw en de torenvalk en de vos en het konijn. Ze waren vrienden en aten allen gras, wat in overvloed aanwezig was. Ook in dat verhaal gaat het lelijk mis.

De dieren zijn vaak erg goed getroffen in die verhalen, maar hebben een nadeel: zij worden door mensen gebruikt om mensen een lesje te leren. Wat zouden de dieren ons zeggen als ze ieder naar hun eigen aard hun mening over ons mochten en konden geven? Dat zal dan nog wel moeten geschieden via de bemiddeling van het dier met de grootste bek: de mens. Er zijn er niet zoveel die de taal van de dieren verstaan, laat staan dat ze die spreken.

impression image impression image

Verbonden met de Heilige

Van Franciscus kennen we de verhalen dat hij met dieren sprak. Voor hem lijkt ieder dier (net als de andere schepselen) hem niet zozeer iets te vertellen over de mens als wel over de Allerhoogste die zich ook in dit dier op bijzondere wijze uitdrukt. Hij benaderde hen met eerbied en vreugde en vermaande hen het leven te leiden dat de Heer hen toebedacht had. Hij omarmde hen liefdevol, maar kon ook streng zijn, zoals bij de wolf van Gubbio. Wat mij treft is dat Franciscus de dieren in hun waarde laat en die eigenheid benadrukt door ze te verbinden met de Heilige. Om het filosofisch uit te drukken: het gaat dan niet meer om het dier ‘für mich’ maar om het dier ‘an sich’. In zijn kwaliteit als medeschepsel.

Het is een dwaas verlangen, maar wat zou het een rijkdom bieden als de dieren hun zegje over ons en de aarde zouden kunnen doen. En dat wij dan geduldig en met eerbied zouden luisteren. Niet zozeer met ons oor, want weinigen spreken hun taal. Maar met ons hart dat begaan is met hun lot en leven. Open de synode, laat de dieren binnen! Het boek van Nick McDonell zou een opstapje kunnen zijn.

1. Inkijkje via https://www.amazon.com/Council-Animals-Nick-McDonell/dp/1250799031.